Yael Tamir – Liberalisme versterkt door nationalisme, een bijdrage van Jorn Janssen

Yael Tamir – Liberalisme versterkt door nationalisme

Jorn Janssen

Wetenschappelijk medewerker

 

Weinig filosofen hebben actief hun leven gewaagd voor het liberalisme, maar de Israëlische Yael Tamir is er één van. Als 19-jarige militair werd ze tijdens de Jom Kipoer-Oorlog in 1973 ingezet om de Sinaï te beschermen tegen een aanvallende Arabische coalitie. Na de oorlog heeft ze, met een omweg via de biologie, uiteindelijk een plekje gevonden als promovendus in de politieke filosofie onder de bekende liberaal Isaiah Berlin. Hoewel ze er zelf zelden naar verwijst, lijkt haar achtergrond in het Israëlische leger een grote invloed te hebben gehad op de vorming van haar unieke perspectief op het liberalisme.

 

Liberaal Nationalisme

Haar academische werk heeft, met een sterk normatief karakter, altijd gezocht naar een oplossing voor het opkomende onliberale nationalisme in het Westen. Hoewel wij in ons huidige politieke discours geneigd zijn om liberalisme en nationalisme als tegenstrijdig te beschouwen, betoogt Tamir dat zij niet in conflict hoeven te zijn. Integendeel, in haar baanbrekende werk Liberal Nationalism (1993) stelt zij dat een sterk gevoel van nationale identiteit en saamhorigheid de stabiliteit en cohesie kunnen creëren die een goed functionerende liberale democratie vereist. Tamir toont aan dat liberale staten actief nationale sentimenten kunnen inzetten om sociale betrokkenheid te stimuleren, omdat de kracht van nationale gevoelens burgers nauwer bij hun gemeenschappen en de politiek betrekt.

 

Tamir onderscheidt duidelijk tussen civiel (politiek) nationalisme en etnisch nationalisme. Zij pleit voor een nationalisme dat zijn fundament ontleent aan gedeelde politieke waarden en burgerschap in plaats van aan etnische of raciale criteria. Hiermee bouwt ze voort op het idee dat een civiel nationalisme een inclusieve identiteit bevordert, waarin diversiteit geen obstakel vormt maar juist als verrijking wordt gezien. Ook stelt ze dat nationalisme altijd grenzen moet kennen, zodat de rechten van minderheden en naburige naties worden gerespecteerd. Een liberale staat zou, volgens Tamir, de rechten van elk individu moeten beschermen, zelfs wanneer deze rechten soms botsen met nationale belangen. Bovendien verdedigt zij het recht van naties op zelfbeschikking als een essentieel middel om de autonomie van burgers veilig te stellen. Zij benadrukt dat nationale soevereiniteit gemeenschappen in staat stelt hun eigen politieke en sociale structuren te ontwerpen in lijn met hun eigen waarden en culturele tradities.

 

Voor Israël verwierf het concept van liberaal nationalisme een bijzondere relevantie. In een land waar de spanning tussen een sterke Joodse nationale identiteit en de principes van een democratische rechtsstaat continu aanwezig is, vormden Tamirs ideeën een belangrijk alternatief voor het vaak overheersende etnisch-nationalistische discours. Zij introduceerde een visie die niet alleen de operationele effectiviteit van militaire instituties versterkte, maar ook de politieke en strategische discussies binnen die kringen verrijkte. Zij liet zien dat ook in militaire en strategische opleidingen ruimte is voor diepgaande reflecties op nationalisme en identiteit. Door haar werk stimuleerde zij intellectuele discussies over de balans tussen nationale identiteit en democratische waarden, waarbij zij zowel academici als beleidsmakers actief betrok.

 

Minister van Onderwijs

Hoewel Liberal Nationalism grote invloed had op het politieke denken in het Westen, wendde Tamir zich het grootste deel van haar carrière tot de praktische kant van de politiek. Zij besloot haar theoretische inzichten om te zetten in concreet beleid. In 1995 trad zij actief toe tot de Israëlische arbeiderspartij HaAvoda. Na een aantal mislukte pogingen, wist ze alsnog in 2003 in het Israëlische parlement terecht te komen. Dit succes leidde uiteindelijk tot haar benoeming tot minister van Onderwijs en later tot minister van Wetenschap, Cultuur en Sport.

 

Tijdens haar ambtstermijn als minister van Onderwijs, die liep van 2006 tot 2009, voerde zij haar filosofische ideeën doelbewust door in het onderwijsbeleid. Zij stelde het belang van een curriculum voor dat zowel liberale als nationale waarden omvatte. Enerzijds zag zij, vanuit liberale optiek, onderwijs als de sleutel tot het bevorderen van sociale rechtvaardigheid en het creëren van een samenleving waarin iedereen gelijke kansen krijgt. Vanuit dat perspectief investeerde zij doelgericht in het onderwijs om de sociale kloof tussen verschillende groepen te verkleinen. Anderzijds geloofde zij dat een gebalanceerd curriculum burgers niet alleen kennis moest bijbrengen, maar hen ook kon helpen hun identiteit en verantwoordelijkheidsgevoel te ontwikkelen in een steeds competitievere wereld.

 

Waarom nationalisme?

Na haar periode in de politiek keerde Tamir terug naar de academische wereld. Na bijna een kwart eeuw hernieuwde zij haar diepgaande onderzoek naar het liberale nationalisme en publiceerde zij in 2019 het werk Why Nationalism. In dit boek ging zij actief in op de opkomst van populistisch nationalisme in de 21e eeuw dat decennia daarvoor nog in zijn kinderschoenen stond. Zij onderzocht grondig waarom nationalisme wereldwijd blijft aanslaan en concludeerde dat veel mensen zich bedreigd voelen door de culturele en economische veranderingen die globalisering met zich meebrengt. Deze gevoelens van vervreemding en het verlies van controle wekken bij hen een hernieuwde waardering voor nationale identiteit als middel om het eigen lot te herwinnen.

 

In een wereld die steeds meer wordt gedomineerd door populistische stromingen, pleit zij actief voor een progressieve vorm van nationalisme. Tamir onderstreept dat nationalisme niet per definitie reactionair of exclusief hoeft te zijn, maar demonstreert dat men nationale belangen kan verzoenen met universele waarden zoals mensenrechten en democratie. Dit progressief nationalisme zou democratische instellingen moeten versterken en de rechten van burgers beter moeten beschermen door een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid en gemeenschapszin te cultiveren.

 

Noodzakelijk nationalisme

Yael Tamir levert met haar werk een unieke en belangrijke bijdrage aan het liberale gedachtengoed door de complexe relatie tussen liberalisme en nationalisme te verkennen. In haar werk observeert Tamir dat nationalisme vaak verkeerd wordt begrepen en ten onrechte wordt afgedaan als een conservatieve of reactionaire kracht. Tamir demonstreert dat een gezonde dosis nationalisme de band tussen burgers versterkt, wat op zijn beurt een robuuster democratisch systeem tot gevolg heeft. Nationale verbondenheid verheft juist de stem van de burger tegen onrechtvaardigheden en ongelijkheden. Daarmee plaatst zij zichzelf in de traditie van denkers zoals John Stuart Mill (1859|2007), Ernest Renan (1882|2007), Paul W. Kahn (2012) en recentelijk Francis Fukuyama (2018), die allen actief worstelden met de schijnbare tegenstelling tussen individualistisch liberalisme en de collectieve kracht van nationalisme.

 

Als moderne liberalen kunnen we veel leren van Tamir. We leven in een wereld waarin globale interacties steeds intensiever worden. Door deze toegenomen interacties worden culturele tegenstellingen scherper zichtbaar. Tegelijkertijd zet de confrontatie tussen het liberale gedachtengoed en niet-liberale krachten druk op de hedendaagse samenleving. In deze spanning moeten liberalen oppassen dat ze zich niet schuldig maken aan liberaal conformisme, maar in navolging van Tamir een bepaalde mate van nationalisme juist omarmen in het kader van pluralisme en diversiteit, zolang dit niet leidt tot de exclusie van minderheden.

 

Vervolgens moeten hedendaagse liberalen ook accepteren dat hun beoogde systeem een sterk fundament vereist om het gedachtengoed te legitimeren. Een bepaalde mate van nationalisme is noodzakelijk om het moderne burgerschap te bevorderen waar het liberalisme zichzelf op baseert. In plaats van het opkomende nationalisme met man en macht te bestrijden en iedereen als wereldburger te bestempelen, zou het beter zijn actief in te grijpen in het nationalistische discours en het te hervormen zodat het draait om civiele waarden in plaats van etnische exclusiviteit. Op deze manier neemt men de kracht weg van populistische nationalisten en versterkt men tegelijkertijd de democratische legitimiteit van de staat.

 

Literatuur

 

Fukuyama, F. (2018). Identity: The demand for dignity and the politics of resentment. Farrar, Straus and Giroux.

 

Kahn, P. (2012). Political Theology: Four New Chapters on the Concept of Sovereignty. Columbia University Press.

 

Mill, J. S. (1859|2007). On liberty (R. F. Brown, Ed.). Cambridge University Press.

Renan, E. (1882|2007). What is a nation? (B. Singer, Trans.). Princeton University Press.

 

Tamir, Y. (1993). Liberal nationalism. Princeton University Press.


Tamir, Y. (2019). Why nationalism. Princeton University Press.